Speaker Magazine nr.52 juli/augustus 2006

Interview Bazz VanKatoen

Bazz is de frontman van de Nederlandstalige metal-punkband VanKatoen. Bazz woont in Strijen en stond met VanKatoen afgelopen jaar als lokale held op het TurbulenT festival in de Hoeksche Waard. Hun nieuwe album Door Rood is net uit. Ze speelden dit jaar op Pinkpop en deden een tour door Indonesië.

Hoe ben je begonnen met zingen?
Ik ben eigenlijk begonnen met saxofoon spelen. In Tilburg kon je voor 2,50 per maand een saxofoon krijgen inclusief les. Het les gedeelte lukte niet zo, maar het saxofoon spelen wel, dat was hartstikke leuk. Toen ben ik begonnen met een pianist samen, toen studeerde ik in Maastricht aan de kunstacademie en daar ontmoette ik Paul Geelen en samen zijn wij begonnen met een goochelproject. Dat hebben we een tijdje gedaan voor kinderen, toen dat ophield zijn we samen doorgegaan met muziek maken. Nog geen gezang maar alleen saxofoon en de piano. We stonden veel in kroegen, we zijn dus echt begonnen in de feesten en partijenhoek. Ik kon eigenlijk niet zo goed saxofoon spelen, ik kende denk ik vijf liedjes en die speelden we dan in vier verschillende ritmes, dus dan had je toch zo weer een repertoire van twintig nummers. Op een gegeven moment kwamen daar ook teksten bij. We speelden namelijk covers, maar het zat niet in mijn karakterstructuur om al die oorspronkelijke teksten te onthouden, en zo verzon ik altijd terplekke zelf teksten op de zanglijnen. De teksten gingen dan over het publiek waar we op dat moment voor speelden. Op die manier was elk optreden anders en is het zolang leuk gebleven met dat bandje. Maar als je voor de 600e keer die covers speelt denk je van: “nu is het wel klaar”. Inmiddels hadden we ook al wat eigen nummers gemaakt dankzij die geïmproviseerde teksten en daarvoor kregen we een platencontract. Ik had een saxofoon om mn nek en ik schreeuwde wat en dat was het eigenlijk wel.

Wanneer maakte je de overstap tot het exclusief zanger zijn?
Dat gebeurde toen de band wisselde. Ik speelde toen samen met Paul en Richard, die woonden ook in Maastricht maar ik woonde toen inmiddels al in Amsterdam. Hierdoor kregen we problemen met de reistijd. Elke keer tweeënhalf uur heen en tweeënhalf uur terug trokken we gewoon niet. Daardoor zijn zij eigenlijk gestopt. De platendeal was toen wel al rond en ik vond het zonde om dat te laten lopen, dus toen heb ik andere muzikanten erbij gezocht. Aart de Jong op bas en Bart de Klerk op gitaar en Arnout Bongraas op drum. Dat was het punt waarop we besloten dat ik gewoon zou zingen, zodat ik ook vrij kon zijn op het podium. Ik heb nog een klein tijdje saxofoon gespeeld maar dat voegde eigenlijk geen hol toe. Het was eigenlijk alleen maar jammer. Toen zijn we de richting ingeslagen naar de rock die we nu maken.

En de saxofoon, die komt nooit meer terug?
Het lijkt me beter voor iedereen dat die gewoon in de koffer blijft.

Hoe ben je eigenlijk hier in Strijen terecht gekomen?
Ik woonde in Amsterdam met m’n meissie en op een gegeven moment waren we op een feest in Maastricht. Op een zondag reden we terug en hadden we ergens gehoord dat deze toren al heel lang te koop stond en dat niemand het wilde hebben. Dan voel ik me meteen aangetrokken, dan zal het wel leuk zijn. Het heeft zes jaar te koop gestaan en toen zijn wij er langsgereden. Omdat niemand het wilde hebben kostte het ook geen drol, dus hebben we het gekocht. Het is toch hartstikke leuk om in een toren te wonen? We wonen hier nu al een hele tijd. Een van onze kinderen is hier geboren en die is elf jaar. Ik heb vier jongens, Sam, Thijs, Dix en Zip. Die hebben het ook geweldig naar hun zin in dit huis. Strijen is heel leuk om te wonen wanneer je kinderen hebt. Veel leuke scholen, voetbalclubs enzovoorts. Je hebt hier ook een buurthuis, De Klep en daar worden ook allerlei leuke dingen gedaan voor jongeren. Het is hier eigenlijk leuker dan ik had verwacht.

Je kinderen lijken qua uiterlijk al behoorlijk op hun vader, volgen ze je nu ook in je voetsporen wat muziek maken betreft?
Ja, één verdieping lager hebben we een soort muziekafdeling. Daar staat een drumstel, een gitaar, een piano, conga’s. Een conservatorium jongen uit Rotterdam die ik ken, die geeft ze allemaal een halfuur les op het instrument wat ze zelf willen spelen. Na die les spelen ze dan samen en dan doe ik ook mee, dat is echt hartstikke leuk. Hier speel ik wel af en toe saxofoon. Het leuke eraan is dat, toen ik jong was zat ik ook op een muziekschool waar ik klarinet leerde spelen. Afschuwelijk vond ik het. Wat een kut instrument. Dan moet je ook nog eens noten leren en dat is helemaal niet leuk. Toen bedacht ik dat de volgorde niet goed was. Als je leert lezen en schrijven kun je toch ook al praten? Het is dus ook veel logischer dat je eerst experimenteert met je instrument en flink veel fouten maakt en dat je daarna pas de theorie gaat leren. Daarin helpt die jongen mijn kinderen en dat doet hij heel erg leuk. Ik doe het zelf niet want ik ben bang om net als zoveel vaders daarmee de fout in te gaan. Dat zijn die vaders die langs het voetbalveld staan en die eigenlijk zelf zo graag hadden willen voetballen en die daarom nu maar hun kind die kant uit duwen. Dat pushen wil ik voorkomen, want dat werkt alleen maar averechts. Kinderen leren het toch heel makkelijk zichzelf aan. Zip van zeven drumt mee met een cd en neemt die slag gewoon op gehoor over. Elk kind heeft zijn eigen talent. Dix kan bijvoorbeeld heel goed tekenen. Ik kom zelf uit een nest waar heel veel dwang zat, heel veel dingen werden gedaan uit een soort van traditie, dit moest en dat moest, bij mij werkte dat helaas geheel averechts. Pas toen ik achttien was en het huis uit ging begon ik met de dingen die ik zelf echt heel erg leuk vond.

Waar haal jij je inspiratie vandaan?
Uit de dingen die ik zie, die ik meegemaakt heb en die ik voel en denk. Wat ik tegenkom. Mijn kinderen zijn echte eye openers. Zij kunnen echt je ideeën soms onderuit halen, dat soort dingen zetten mij wel aan het denken en inspireren mij tot het schrijven van liedjes.

Jullie staan bekend om je doe het zelf mentaliteit, heb je nog tips voor beginnende bandjes?
We staan daar wel om bekend maar dat is niet helemaal terecht. We hebben namelijk ooit een album uitgebracht dat heette Doe Het Zelf. Dat was meer een protestkreet tegen mensen die zo makkelijk hun oordeel hebben. Het is heel makkelijk om een oordeel te hebben als je niet weet waar het over gaat. Zo gaat dat ook bij journalisten die recensies schrijven over cd’s. Het is heel makkelijk om het een keer te luisteren en dan te zeggen ik vind dit of ik vind dat. Terwijl voor een band is het iets waar ze maanden, zoniet jaren aan hebben besteed. Ik word daar echt verdrietig van het feit dat dingen die door mensen met zoveel liefde gemaakt zijn, zo makkelijk afgeschoten worden. Dat vind ik onterecht en daar is die titel doe het zelf dus op gebaseerd. Als je het zo goed weet, laat het dan zelf maar eens horen. Er zijn een aantal journalisten die ik graag zou uitdagen om eens zelf iets te maken. Als jij iets maakt en je vraagt anderen om een mening, dan stel je je pas echt kwetsbaar op, dan pas weet je hoe dat voelt. De mensen die de tekst van de cd doe het zelf niet goed geluisterd hebben, die zullen het begrepen hebben alsof wij het doe het zelven uit hebben gevonden, maar dat is niet zo en daar gaat de tekst ook niet over. Wat wel zo is, is dat wij de keuze hebben gemaakt om door het leven te gaan zonder mensen die voor ons bepalen wat er gebeurd. Zoals managers en platenmaatschappijen e.d. Dat hebben we gedaan omdat de keuzes die platenmaatschappijen maken nooit gebaseerd zijn op artistieke voldoening. Voor een platenmaatschappij kan een nummer nog zo mooi zijn, maar als het niet verkoopt hebben ze er gewoon niets aan. Zij zijn een bedrijf en moeten de huur betalen. We hebben wel platendeals gehad, maar die hebben we afgekapt omdat we niet achter die keuzes konden staan. Voor een artiest is creativiteit en autonomie eigenlijk het belangrijkste. Wat ik mee zou willen geven aan bands is: Blijf trouw aan je eigen ding en ontwikkel jezelf daarin, zo blijft het voor jezelf interessant en kun je jezelf blijven verbazen. Als je geen succes hebt kan dat juist de drive zijn om door te gaan met je eigen ding, en als je dat lang genoeg doet (hebben wij gemerkt) dan komt er en moment dat mensen wel je muziek gaan waarderen en dat je dus jezelf kan blijven ook voor het grote publiek. Zo kun je dus toch op Pinkpop staan, of op TurbulenT. Wat ook belangrijk is: Durf lelijke dingen te maken, want als je lelijke dingen durft te maken en je durft daar kritisch naar te kijken, dan kun je daar wat mee. Als je altijd probeert iets moois te maken, dan wist je natuurlijk al dat het mooi is. Maar als je durft te experimenten en durft afschuwelijke dingen te maken, dan leer je daar veel meer van.

Hebben jullie het zelf ook meegemaakt? Dat afgebrand worden door journalisten?
Nee eigenlijk niet. We hebben alle recensies van Lef en Doe Het Zelf bewaard, die waren eigenlijk allemaal erg positief. De geschreven kant (de recensie kant dus) is heel erg belangrijk, want de gedraaide kant is er eigenlijk niet voor bands in een subcultuurachtige omgeving. In the middle of the road, zoals Racoon en Balladeer, dat is toch een stroming waarmee je wel kans maakt om op de radio te komen. Maar als je muziek maakt die niet main stream is, dan is het heel moeilijk om gedraaid te worden op de radio. Bij Kink FM heb je nog kans maar dan houdt het wel op. Dus om die muziek onder de aandacht te brengen is de geschreven tekst heel erg belangrijk. De geschreven pers heeft dus een enorme verantwoordelijkheid over de muziekcultuur in Nederland. Maar ook de pers wordt beoordeeld op het aantal lezers en afgerekend op targets. Dat is eigenlijk zonde want zo krijgt de middle of the road muziek toch meer aandacht dan wat er in de berm langs die weg afspeelt. En daar spelen zich nou juist de meest interessante dingen af. Midden op de weg gaat iedereen maar keihard mee met de meute en aan de zijkant van de weg is er rust om dingen uit te proberen. Daar zit juist een heel belangrijk gedeelte van de muziekcultuur en die wordt heel makkelijk vergeten, ik maak me daar wel zorgen om. Het zou er best wel eens uit kunnen sterven en dat zou toch zonde zijn. Wij maken onze muziek heel erg toegankelijk middels het gratis downloaden omdat mensen dan elkaar op het idee kunnen brengen om naar de muziek te luisteren. Wanneer het toegankelijk is kunnen mensen de muziek zelf opzoeken als ze het leuk vinden. Op die manier krijg je een heel geselecteerd publiek, via je site kun je veel meer gericht je mensen bereiken en dat is hartstikke leuk.

Jullie stonden bijvoorbeeld op Festival TurbulenT, dat was hiphop gericht maar toch sloegen jullie goed aan bij dat publiek, hoe kwam dat dan?
Dat vond ik heel erg verbazend, je zag zelfs veel Van Katoen shirtjes rondhuppelen daar. Verbazingwekkend hoe die kruisbestuiving werkt daar. Eerst staat men bij een rapper dan nog even naar Van Katoen en dan ook nog Relax. Echt superleuk daar. Net zoals op Pinkpop. Je kunt ons overal in Nederland zien, we spelen elke week zo’n twee keer. Maar toch stond het helemaal vol op Pinkpop, ik denk wel zo’n 700 man. Helemaal te gek. Lowlands is qua sfeer gezelliger en qua aanbod ook interessanter, met die verschillende tenten enzo. Pinkpop draait echt om drie podia waar het allemaal gebeurd. Het publiek circuleert daar ook steeds om die verschillende podia heen. Maar op Pinkpop staan is gewoon een droom die je niet durft te dromen. Dus als je daar eenmaal staat is dat gewoon een kick. Backstage maakte het daar ook helemaal niet uit wie wie is. Mijn zoontjes hebben nog staan voetballen met die gasten van Bloodhound Gang en de zanger van Keane. Ik was er niet bij maar ik hoorde later van iemand dat een van mijn kinderen de zanger van Keane onwijs onderuit had gehaald. Dus zowel voor de stage als achter de stage had men een goede tijd met elkaar. Dat is natuurlijk heel leuk. Wij hebben dat altijd wel een beetje, dat we gewoon rondlopen. Relax bijvoorbeeld blijft liever inde kleedkamer en is heel erg bezig met onbereikbaar zijn. Dat is juist helemaal niet leuk. Het is veel leuker om wel bereikbaar te zijn, maar dan moet je wel leuke fans hebben natuurlijk. Wij hebben de mazzel dat we ontzettend leuke fans hebben. Fans kies je niet als band, die krijg je. Ze kiezen jou uit omdat ze je leuk vinden. Op een gegeven moment merk je dat er een bepaald type mens voor je podium staat, die we aanvankelijk niet daar hadden verwacht. Bijvoorbeeld hele jonge gastjes van vijftien jaar, dat hadden we niet zo ingeschat. Die mensen kennen dan ook echt je teksten, soms zelfs beter dan jijzelf. Dat soort dingen verwacht je niet van te voren. Het leuke daarvan is dat je vaak ook echt leuke gesprekken met die personen kunt voeren. Andere band moeten soms echt vluchten voor hun fans, dus wij hebben daar wel mazzel mee. We hebben nooit vervelende fans gehad, wel rare, maar dat vind ik juist leuk als mensen uitgesproken zijn op een bepaalde manier. Als ze over mijn grens gaan, geef ik ze gewoon een duw (op de verbale manier) en dan begrijpen ze het wel. Dronken fans zijn vaak toch wel onhandig, want dan doen ze en zeggen ze dingen die ze normaal niet zouden doen, maar ook dat komt vrij weinig voor. Vaak komen onze fans ook zelf uit het bandwereldje. Zoals die gasten van urINe SANE. Dat zijn hartstikke leuke gasten en maken ook leuke muziek, zij inspireren ons en wij inspireren hen. Je krijgt dan ook veel terug van dat soort types. Ze komen veel naar onze optredens. Ik ga ook naar hun cd presentatie kijken.

Zijn er verder nog bands die volgens jou ondergewaardeerd zijn? Die niet in de berm zouden moeten verdwijnen?
Ik denk niet dat ze uit die berm moeten komen, maar eerder dat de berm zelf meer uitgelicht moet worden. Laat ze in godsnaam daar blijven, alleen het bermtoerisme moet vergroot worden. Er zijn heel veel goede bands en goede muzikanten, ik zou het heel leuk vinden als die scene vergroot werd, dat het publiek groter wordt. Zoals dingen die jullie als Popunie organiseren, dat is voor ons heel belangrijk. Dat gold bijvoorbeeld voor TurbulenT. Dat onze muziek op een hiphop georiënteerd festival zo goed aanslaat is ook en eye opener voor die hiphoppers. Zulke dingen moeten meer gebeuren. Wij hebben bijvoorbeeld toen wij door Indonesië toerden, alle bands waarmee we daar hebben gespeeld kun je nu ook op onze site naar beluisteren. Zo krijgen die ook weer meer bekendheid en er zitten echt te gekke dingen tussen. In Nederland hebben we dat ook gedaan met die demo actie, dat was niet genre gebonden. We hadden die demo bij de dvd gedaan.Er zat van alles tussen. Hiermee hopen we de scene die ondergewaardeerd is, wat meer in de aandacht te brengen. Wij hebben er ook last van gehad vroeger, ik bedoel nu staan we op Pinkpop met een vol veld, maar we hebben vaak genoeg voor lege zalen gestaan. Dat is iets waar we binnen de scene keihard voor moeten werken. Het publiek begint bij vrienden, familie en kennissen en dat breidt zich langzaam uit. Daar moet je als band zuinig op zijn en van daaruit proberen op te bouwen. Samenwerken dus. Zoek een band op die eenzelfde soort muziek maakt, die in een andere stad wonen en ga samen optreden. Zo maak je een uitwisseling en komt het publiek in contact met voor hen nog onbekende bands.

Kun je iets meer vertellen over jullie tour in Indonesië?
Ja ik ben blij dat ik in Nederland woon. Twintig jaar geleden was ik in Indonesië als toerist en dat was erg indrukwekkend, vanwege de armoede en alle ellende. Daar stel je je reis ook op af, je reist dan heel low profile. We zijn echt van de paden afgegaan, naar plekken waar eigenlijk nooit een blanke kwam. We hebben ook echt meegeleefd met de mensen. Nu viel het ook op hoe rijk het land eigenlijk is. Die armoede heb ik eigenlijk niet gezien. Wat je wel ziet is de ontzettend ongelijke verdeling. De eerste keer dat ik er was, was er een hele grote groep die arm was en nu was er een hele grote groep die rijk is en een nog grotere groep die arm is. Wat ik naar vind om te zien is dat in die samenleving, mensen het accepteren dat de een in een kasteel woont en de ander water uit de goot oplepelt. Dat vind ik wel shocking om te zien. Vergeleken daarmee hebben wij het echt geweldig in Nederland. Bij ons is er in de onderste laag ook nog wel heel wat mis, maar dat is niet te vergelijken met daar. Bij onze tour, waren alle opbrengsten voor Indonesië, voor kinderen die naar school zouden moeten kunnen. Doordat kinderen een vak leren kun je ze weghalen uit die verdeeldheid. Wat erg moeilijk om te zien is, is dat alles bepaald wordt door corruptie en door geld. Ik ben eerlijk gezegd een beetje afgeknapt daarop. We zijn heel idealistisch begonnen en daar gaan spelen, terwijl onze tour gemanaged werd door iemand die een enorme dikke auto had. Als hij nou al een gewone auto had, had hij al veel meer kinderen kunnen steunen. Dat voelt gewoon raar en rot, daar hebben we wel last van gehad. Maar alles werd goed gemaakt door de optredens. De pieken waren echt de momenten waarop we speelden. Tijdens het reizen word je geconfronteerd met andere dingen en dan stijgt de frustratie weer. Het is eigenlijk een soort computergame, waarin je je levens verspeeld en dan kom je ergens, krijg je nieuwe levens en kun je weer even vooruit. Zo hebben we ons door die tour heengesleept. Het is heel makkelijk om terug te denken aan de hoogtepunten., maar de dieptepunten maakten de reis heel heftig. Het was echt alles tegelijk. Het was geweldig, en het was superkut. Het was fantastisch maar het was afschuwelijk. Het is wel leuk om te zien hoe airplay in je voordeel kan werken. Wij hebben daar gewoon en nummer 1 hit gehad. Als je daar bent en je komt in een grote sporthal vol mensen die allemaal voor je staan te klappen is dat echt heel raar. Dat is ook waardering voor de moeite die wij hebben gedaan om daar een tour te doen. We hebben daar echt alleen voor de lokale bevolking gespeeld, dat was echt fantastisch.
We zijn nu bezig met Zuid-Afrika, daar leeft de muziek ook heel erg. We zijn gebeld door een boeker of hij daar en tour voor ons kon organiseren. Dat word wel weer een hele andere tour. Maar wat het precies wordt weten we nog niet.

Kun je iets meer vertellen over jullie nieuwe cd Door Rood?
We hebben twee nieuwe muzikanten erbij. Marijn en Niels. De gitarist en de bassist. Zij zijn nu een jaar bij ons, met Aart hebben we tien jaar gespeeld en met Laurens hebben we ruim vijf jaar gespeeld. Het was dus heel spannend om te zien of de chemie tussen die nieuwe gasten en ons wel goed zat. De helft van het album hebben we voor Indonesië opgenomen en de helft erna gedaan. We hebben ontzettend hard gewerkt om het allemaal voor Pinkpop af te krijgen. Wat je als band tegenkomt als je de studio ingaat is, dat je zoveel mogelijkheden hebt om het perfect te maken, waarmee je ook het risico loopt dat het dood gaat. Als je alles 100 keer kan overdoen. Dan vermoordt je eigenlijk de spanning. Met al die programma’s als protools enz, kun je alles recht zetten en helemaal strak maken. Dat hebben wij ook wel eens meegemaakt, dat we te ver doorgingen in de productie en dat alles te netjes werd. Wat tof is aan dit album, is dat het echt ongesneden is, de energie slaat je echt voor je bek. Het is relatief in een korte tijd opgenomen, maar je merkt dat de combinatie van de ouwe rotten zoals ik en Arnoud en de jonge honden Marijn en Niels, dat dat heel erg goed heeft gewerkt. Het zijn goede muzikanten. Arnoud heeft zich ook heel erg ontwikkelt. Hij heeft steeds minder klappen nodig om raak te slaan. Een hele akoestische klap. Dat komt ook heer erg goed hierin terug. Het is heel Nederlands om de tekst heel erg op de muziek te leggen. Denk aan Marco Borsato enz. Maar ook de wat ruigere bands zijn altijd heel erg verstaanbaar en dat wil ik niet, want als je meteen hoort waar het over gaat, is het mijn verhaal waar jij naar luistert.Dan is de spanning eraf. Het is veel interessanter om flarden te horen en dat je daar je eigen verhaal uit haalt. Waardoor het door iedereen anders geïnterpreteerd wordt. Bijvoorbeeld bij het nummer Alleen. Dat is voor mij een bijzonder nummer, die is in een keer opgenomen. Het is een relatief rustig nummer. Het gaat over de dood van mijn vader waar ik altijd heel veel moeite me heb gehad. Je probeert zoiets te accepteren en een plek te geven, maar dat lukte niet. Dat heeft een grote rol gespeeld in mijn leven. Het nummer is eigenlijk een afsluiting van die fase. Ik heb het in een keer ingezongen, om precies te zijn in 4,24. Op zo’n moment sta je zo dicht bij je gevoel, dat je je alleen maar open hoeft te zetten en dat het dan gewoon eruit komt. Dat maakt het nummer heel bijzonder.
We hebben ook in een nummer met Indonesische muziek gemixt met onze muziek. We hadden daarvoor een Gamelan orkest gevonden in Jakarta. Toen we daar kwamen vroegen ze ons of ze onze muziek mochten luisteren, maar toen ze het hoorden hebben ze er vriendelijk voor bedankt hahaha. Toen hebben we in plaats daarvan een oude mannetjes Gamelan orkest bereid gevonden om het te doen. Zij zaten ergens in een oude kippenschuur in Jakarta, precies op de plek waar laatst die aardbeving is geweest. Het orkest bestaat nu dus ook niet meer en dat maakt het nummer ook extra beladen. De mensen van dat orkest waren echt super doorleefd. We hebben het zelf opgenomen in die schuur, waar allerlei kinderen en kippen ook zomaar er doorheen renden. Dus alle bijgeluiden zijn ook opgenomen. Hier doen we dat zo anders. Hier wordt zo’n setting gezien als afbreuk van de muziek, terwijl het daar juist en toevoeging van de intensiteit is. Geweldig om te zien.

Wat zijn de verdere plannen voor Van Katoen?
We gaan nu een clubtour doen, dus dan spelen we bij alle gerenommeerde clubs in Nederland. Dat gaat ook wel lukken. We doen misschien Zuid-Afrika dit jaar nog. In januari, februari en maart gaan we een jeugdhonken tour doen. Zoals de klep hier. Dat vind ik echt leuke zaaltjes. Met allemaal vrijwilligers. Er zit niets commercieels aan, die mensen houden gewoon van muziek. We gaan spelen voor de deuropbrengst. Alleen de installatie moet betaald worden. Dat bieden we dus aan en daarnaast willen we elke keer met twee bands een workshop doen en dan met die workshopbands die avond gaan optreden. Dat het een soort festivalletje wordt. Om de kosten te drukken krijgen die bands dan geen geld maar entreekaarten die ze dan zelf kunnen verkopen. Op die manier verdienen zij. Ik denk dat het een geweldige toffe tour wordt. Het is wel weer wat anders na al die luxe zalen waar stagehands voor je klaarstaan om uit te laden. We willen zeg maar met deze tour, terug naar de basis, terug naar de kleine zaaltjes, terug naar de zwetende, naar bier ruikende honken en daar samen muziek maken. We willen 40 jeugdhonken doen in drie maanden. Zo ontmoeten we 80 andere bandjes. Daar kiezen we er zeven van uit en die spelen met ons mee op ons concert in Paradiso eind maart. Het is zo weer een speelkans voor die bands en voor ons leuk om met andere mensen samen te werken. Dat is dus het plan. We zijn nu ook alweer bezig met ideeën en schetsen voor het volgende album. Het borrelt. Er is nog zoveel inspiratie, dus jullie zijn nog lang niet van ons af.